23-03-14

Hoe geraak je naar het einde van de wereld, naar Calabria

restart51.jpg

 

Met de lente in de lucht en de anders zo droeve februari maand al even achter de rug, mogen we nu al eens denken aan de volgende etappe. Het dromen van de zomer kan beginnen. De gedachten aan de zomer maken emoties en gevoelens los, die ik enkel kan beschrijven bij associatie. Het indigo ochtendblauw van de lucht, doorkliefd door opgewekt kwetterende zwaluwen, het luie trillen van de slaperige middagwarmte, gedirigeerd door het tjirpen van de krekels, het zuchtend kabbelen van de golfjes op het strand en tussen onze benen, genietend van de gesprekken en van de vriendschap.

 

Het vliegtuig.

restart41.jpg

Maar zover zijn we nog niet, Calabria is nog ver weg letterlijk en figuurlijk. Het valt me steeds opnieuw op hoe onbekend deze regio bij de Vlaming en mag ik veronderstellen de Nederlander, is. Eigenlijk valt het me dikwijls op hoe slecht onze geografische kennis van het geheel, Italië en Zuid-Italië is. Dus voor alle duidelijkheid Calabria ligt ten zuiden van Napels, op de teen en de wreef van de laars (Lo Stivale).

De belangrijkste luchthaven ligt vlakbij Lamezia Terme en heet Sant’Eufemia Airport, afgekort SUF of gewoon Lamezia Airport.

Wanneer je het over Lamezia hebt, verliezen 99% van de mensen het noorden. Lamezia wie? Sant’Eu wat? Sommigen menen zelfs dat het ergens tussen Rome en Napels ligt, of denken zelfs dat Rome zuidelijker dan Napels ligt?

Lamezia Airport is een luchthaven die bij ons ongekend is en toch zijn er zomer en winter rechtstreekse vluchten met Ryan air en zijn er dagelijks minstens twee vluchten over Rome of Milaan die je op iets meer dan 4 uur, inclusief de overstap, in Lamezia aan de grond zetten. Vertrekken om 7 am in Brussel, betekent landen om 10.15 am in Lamezia en om 11.15 am op mijn terras. Geen stress, je hebt een klein uur om de overstap te maken en Fiumicino is niet alleen een heel aangename luchthaven, maar een luchthaven met duidelijke signalisatie en makkelijke structuur. Toch is enige voorzichtigheid geboden! De vele winkeltjes met Italiaanse mode kunnen voor vertraging bij het vrouwelijke geslacht verantwoordelijk zijn en de gate van vertrek voor Lamezia wijzigt bijna elke keer. Dus attent zijn is nodig, doch wees niet ongerust het vliegtuig wacht op je.

In het zomerseizoen vliegen ook SN Brussels en Jetair richting Lamezia, terwijl Ryan air dan 3 vluchten per week heeft en Alitalia nog iets meer keuzevluchten per dag heeft.

 

De luchthaven zelf is klein en heel gemoedelijk. Uitstappen op de tarmac, dan te voet oversteken naar de bagageruimte en de bagage die bijna onmiddellijk na een lang tuutsignaal op de band arriveert. In Zaventem dien je iets verder te stappen en langer te wachten op je bagage. Alle controles en metingen in België indachtig, wordt hier iets vlotter omgesprongen met de normen van gewicht, grootte en vorm van de bagage en handbagage. Michael O’Leary moest het eens weten. De straffe verhalen in de lucht en op de grond houd ik nog even tegoed.

 

De wagen

 

Tenzij je er echt een bedevaart wil van maken, zijn er slechts twee aanvaardbare manieren om ginds te geraken: met de auto of met het vliegtuig.

restart1.jpg

restart2.jpgMet de auto heb ik de oversteek nog maar een keer gemaakt. En hoewel sommige van onze bezoekers of lokale medepassagiers beweren dat de term auto niet slaat op onze Defender[1] en het altijd hebben over een ‘cámion’, ‘autocárro’ of ‘campagnolo’, ginds rijdt ‘hij’ fantastisch. Campagnolo[2] betekent letterlijk: ‘die leeft in het veld en die bovenal in de aarde werkt’. Dus drie jaar geleden hebben we (ikzelf en een goede vriend), in de restart31.jpgaarde werkend, iets meer dan 2000 km afgelegd in een keer met de ‘Campagnolo’. Thuis op een dinsdagavond vertrokken om 20.50 en de dag nadien aangekomen om 19.10. Heroïsche reis, de ‘campagnolo’ volgestouwd met spullen voor ginder en zakkenvol met eierkoeken en ‘negertetten’ voor onderweg. Op  een kwartier vertraagd verkeer rond Milaan na, is de rit perfect verlopen. Uiteraard dient ‘perfect’ gekaderd te worden in de wereld van de Defender. Het tempo, waaghalzend hoog indien de bijna limiet van 120 km/h bereikt werd, het comfort niveau van militaire transporten vlak na de Tweede Wereldoorlog en spontane ventilatie langs kieren en spleten die onbetaalbaar is. Sommigen beweren dat een Defender geen Defender is als je bij regen geen natte voeten hebt. Een prachtige rit die ik nooit vergeten zal, een bedevaart waardig.



[1] De Defender is het type landrover die sinds de jaren ’40 quasi ongewijzigd is gebleven. De onze is donker blauw en hoewel enkele tinten lichter dan die van de carabinieri, lijkt hij er sprekend op. Een voordeel want je krijgt makkelijker voorrang of straatrespect. Dit kan uiteraard ook te maken hebben met de grootte en robuustheid in vergelijking met de ‘cinquecento’ grote auto’s van de Italianen.

[2] chi vive in campagna, soprattutto chi lavora la terra

06-03-14

‘Zumba Italiaans’

 

Schermafbeelding 2014-03-06 om 18.26.25.png

 

Wie denkt dat om Italiaans te leren men enkel een talenknobbel nodig heeft is eraan voor de moeite. Italiaans is, voor zover ik het weet, de enige taal waarbij je calorieverbruik opgedreven wordt door overmatig gebruik te maken van hand-, arm- en andere lichaamsgebaren. Over de oorsprong van deze gebaren bestaat geen eensgezindheid. Sommigen menen dat ze uit het oude Griekenland komen en dat ze via Sicilië en het Zuiden wijd verspreid geraakt zijn in Italië (filmpje).
Volgens anderen zijn deze gebaren gegroeid als geheime taal tijdens de zovele overheersingen van de Italianen door de Spanjaarden, Oostenrijkers en Fransen tussen de XIV en de XIX de eeuw. Curieus want wij Vlamingen hebben deze Europeanen samen met nog enkele andere nationaliteiten ook over de vloer gehad en wij tellen geen 250 actief gebruikte gebaren. Of misschien was het gewoon uit noodzaak om mekaar beter te begrijpen? In iedere streek of stad spreekt men zijn eigen dialect, zo verschillend van het Italiaans dat ik ken, dat het niet onbegrijpelijk is dat men alles ‘met handen en voeten’ moet uitleggen om zich verstaanbaar te maken. Dante was de eerste dichter die begin veertiende eeuw in zijn ‘La Divina Commedia’ niet in het Latijn, maar in het Italiaans schreef, eigenlijk oud-Florentijns het latere Italiaans. In het Zuiden, de ‘Due Sicilie’[1] met Napels als hoofdstad, hebben ze Dante niet gelezen. De Noormannen, de Arabieren en de enkele andere nationaliteiten die hier passeerden lieten niet alleen hun dna achter, maar ook een deel van hun taal. In het Napolitaans zijn vele woorden uit het Frans, Spaans en Arabisch terug te vinden. Begrijpelijk dus dat alles wat loshangt en bewegen kan gebruikt werd om zich te verduidelijken wanneer de kinderen van Dante langskwamen. Hier hoef je dus niet aan Zumba te doen of naar de fitness te gaan om wat beweging te hebben. Wat zeveren met enkele vrienden of discussiëren over de prijs en de kwaliteit van de groenten met de ‘contadini’ en je hebt ook je beweging gehad. Hoewel, hoe meer er bewogen wordt, hoe minder er gesproken wordt. De zuiderlingen hier in de Mezzogiorno hebben de neiging om profijtig om te springen met klinkers en hun woorden in te slikken. Ok of ‘va bene’ wordt ‘vabè’, begrijp je of ‘capisci’ wordt ‘capi’, wacht of ‘aspetta’ wordt asjpièt en vandaag of ‘oggi’ wordt ‘aoi’. 




[1] De Zuid-Italiaanse regio die ooit politiek onder één bewind stond en dat zich uitstrekte van het Zuidelijke Lazio, over Campania, Basilicata, Calabria, Abbruzzo, Molise, Puglia en het eiland Sicilië. Het Napolitaans was de taal die gesproken werd tot de vuurtoren van Messina en het Siciliaans vanaf de vuurtoren van Messina.